Hier vindt u de login mogelijkheden van onze portals en online services. Selecteer de gewenste dienst en log in met uw persoonlijke inlogcode.
Heeft u nog geen inloggegevens?
Neemt u dan contact met ons op.
Indien mest gewogen en bemonsterd wordt afgevoerd zijn de analyseresultaten in beginsel de best beschikbare gegevens. Er ligt nu een voorstel om de gehaltes in de begin- en eindvoorraad binnen hetzelfde kalenderjaar te baseren op de analyseresultaten van voorgaand jaar. Dit voorstel zal vooral bij mestproducerende bedrijven meer stabiliteit geven. Voor aanvoerende bedrijven met een mestvoorraad levert het soms bijzonderheden op. Daarnaast wordt ook een aantal andere aanpassingen voorgesteld.
Met het voorstel tot wijziging van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet is het de bedoeling dat vanaf 2027 de gehalten van de begin- én eindvoorraden dierlijke mest binnen hetzelfde kalenderjaar gebaseerd moeten worden op basis van de ‘best beschikbare gegevens’ van het voorgaande jaar. De best beschikbare gegevens zijn in beginsel de analyseresultaten van de mesttransporten.
Het voorgestelde systeem is in de basis eenvoudiger en duidelijker dan het huidige systeem. Immers in alle situaties kan een bedrijf aan het begin van het jaar bepalen wat de gehalten in de eindvoorraad mest zijn. Dit wijzigt niet als gedurende het jaar mest met andere gehalten wordt afgevoerd.
Indien er geen analyseresultaten zijn, blijft de huidige werkwijze bestaan. De gehaltes van de begin- en eindvoorraad worden gebaseerd op de forfaits van het desbetreffende kalenderjaar.
Het hanteren van de analyseresultaten van voorgaand jaar is minder representatief, zeker als er actuelere gegevens zijn. Dit geldt vooral voor bedrijven die aangevoerde mest in eindvoorraad hebben. In deze situatie is het logischer om de daadwerkelijke analyseresultaten te gebruiken. Ditzelfde geldt ook voor bedrijven die geproduceerde mest afvoeren. De analyseresultaten van huidig jaar zullen in beginsel representatiever zijn voor de eindvoorraad, vooral als meerdere vrachten mest zijn afgevoerd. Echter het voorstel heeft als grote voordeel dat de gehaltes in de begin- en eindvoorraad gelijk aan elkaar zijn en dus zorgen voor een stabielere berekening.
Net als bij andere onderdelen van de Meststoffenwet kan het bedrijf gebruik maken van vrije bewijsleer als de feitelijke situatie anders is dan de regels van de meststoffenwet aangeven. In de toelichting bij het voorstel tot wijziging van de ‘Uitvoeringsregeling Meststoffenwet’ is aangegeven dat bij de voorraadwaardering in uitzonderingsgevallen gebruik gemaakt kan worden van vrije bewijsleer. Dit lijkt vooral logisch bij aangevoerde mest in eindvoorraad. Het is onzeker of dit in alle gevallen wordt geaccepteerd.
Voor de Aanvullende gegevens 2026, die begin 2027 moeten worden doorgegeven aan RVO, geldt nog de huidige systematiek.
In het voorstel tot wijziging van de ‘Uitvoeringsregeling Meststoffenwet’ is nu specifiek vastgelegd dat de beginvoorraden dierlijke mest in gewicht gelijk moeten zijn aan de eindvoorraden van voorgaande jaar.
Met het voorstel tot wijziging van de ‘Uitvoeringsregeling Meststoffenwet’ wil men ook regelen dat de mestopslagcapaciteit jaarlijks opgegeven moet worden met de aanvullende gegevens.
De internetconsultatie omtrent het voorstel tot wijziging van de ‘Uitvoeringsregeling Meststoffenwet’ loopt tot en met 18 november 2026.
Mocht u naar aanleiding van bovenstaande tekst nog vragen hebben, kunt u onderstaand contactformulier invullen.
Bron: ComponentAgro